Achtergrond — CO₂ als indicator voor luchtkwaliteit
De buitenlucht bevat gemiddeld 400 ppm CO₂. Mensen produceren CO₂ bij uitademing — afhankelijk van de activiteit meer of minder. In een slecht geventileerde ruimte stijgt de CO₂-concentratie, wat leidt tot een slecht binnenklimaat (vermoeidheid, concentratieverlies, klachten).
Het vereiste ventilatiedebiet kan berekend worden als we weten hoeveel CO₂ de aanwezige personen produceren en welke maximale CO₂-concentratie we in de ruimte toelaten:
waarbij:
ql = CO₂-productie [m³/h] = n × qper persoon
CO₂buiten = 400 ppm = 400 × 10⁻⁶ m³/m³
QI = ventilatiedebiet [m³/h]
De maximale CO₂-concentratie in kantoren en schoolgebouwen wordt doorgaans op 550–800 ppm boven buitenlucht gesteld. Volgens NBN EN 16798-1 onderscheiden we vier IEQ-categorieën (Indoor Environmental Quality). Hogere CO₂-concentraties zijn een teken van onvoldoende ventilatie.
Ventilatiedebiet QI
CO₂-productie: — m³/h
CO₂-concentratie in de ruimte
CO₂ buiten: — ppm
Rekenvoorbeeld (stap voor stap)
| Activiteit | CO₂-productie (m³/h/pers) | QI (m³/h) — 1 pers, IEQ III | QI (l/s) — 1 pers, IEQ III |
|---|
| Categorie | Luchtkwaliteit | l/s/pers | m³/h/pers | CO₂ boven buiten |
|---|---|---|---|---|
| IEQ I | High | 10 | 36 | ±550 ppm |
| IEQ II | Medium | 7 | 25,2 | ±800 ppm |
| IEQ III | Moderate | 4 | 14,4 | ±1.350 ppm |
| IEQ IV | Low | 2,5 | 9 | ±1.350 ppm |